Afbeelding
Maarten van Vulpen
column

Raadspraat: Participeren

Overig

Afgelopen week werd in het Open Huis de ‘Toekomstvisie van het Dorpshart van Odijk’ besproken. Een document wat het eindproduct is van een participatieproces in nieuwe vorm. We zien veel enthousiasme en creativiteit van betrokken bewoners en ondernemers. Wij zijn het als CDA-fractie ook zeer met hun eens dat het nodig is dat er wat gaat gebeuren in het centrum van Odijk.

Doordat er binnen het participatieproces relatief veel ruimte is gelaten qua kaders, beslaat de toekomstvisie een hoop thema’s. Niet alleen de leefbaarheid, verkeersveiligheid, ruimte voor ondernemers en wonen komen aan de orde. Ook zaken als het herstellen van de oude loop van de Kromme Rijn met aanlegsteigers voor kano’s worden benoemd.

Wanneer we dit echter als ‘toekomstvisie’ moeten gaan vaststellen, dan hebben wij als fractie onze vraagtekens. In het document worden plannen en dromen onsamenhangend gepresenteerd. We zien de nodige tegenstrijdigheden en missen een eenduidige visie op de toekomst van het hart van Odijk. Dat zal ongetwijfeld te maken hebben met de kaders, waarbinnen de ‘visie’ is opgesteld.

Op korte termijn investeren in leefbaarheid en een aangenamer verblijf, is absoluut waardevol. En qua verkeersveiligheid is er een hoop winst te boeken. Hier spreken wij onze steun 100% voor uit.

Waar we onze vraagtekens bij hebben, is de plek die deze ‘visie’ krijgt binnen overig beleid. De omgevingsvisie is de plek waar bij uitstek zaken als ‘leefbaarheid van de kernen’ onder kan vallen. En de samenhang met de uitbreiding van Odijk met Odijk-West/Kersenweide komt niet of nauwelijks aan de orde in de huidige toekomstvisie.

Eerder is in Bunnik het centrum qua leefbaarheid verbeterd. Wellicht dat hier geleerd kan worden van de quick wins die geïmplementeerd zijn, en niet allemaal even goed uitpakken? Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van beukenhagen waardoor stoepen dusdanig smal worden dat mensen met rollator of rolstoel niet meer kunnen passeren. Of fietsenrekken die grote delen van de openbare ruimte opslokken.

Het zou zonde zijn als we de energie en inbreng van de participanten verloren laten gaan. Niets is zo waardevol als ideeën die breed gedragen worden. Maar we moeten ervoor waken dat we realistisch blijven en duidelijk aangeven wat wel en niet mogelijk is binnen de beschikbare budgetten en kaders.

Maarten van Vulpen
Fractieassistent CDA Bunnik

advertentie