Tarief onroerend zaakbelasting verlaagd
18 januari 2016 om 00:00 Lokaal nieuwsODIJK De gemeenteraad gaat tijdens de raadsvergadering van 21 januari de tarieven voor de onroerend zaakbelasting over 2016 vastleggen. De woningwaarde, die volgens BghU in december gedaald leek, blijkt nu 1,3 procent hoger te liggen. Ook is het de bedoeling een nieuwe procedure te bepalen, die te maken heeft met de overstap naar de Belastingsamenwerking BghU. Vanuit oppositiepartij CDA liggen er de nodige vragen.
De tarieven voor de onroerend zaakbelasting zijn verbonden met de waarde van de woningen. De tarieven stijgen als de woningwaarde daalt, en andersom. De Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht (BghU) - die voor het eerst voor de gemeente Bunnik de belastingen gaat innen - hanteert hiervoor een ander ijkmoment. Voor inwoners van Bunnik zou dat voor 2016 ongunstig zijn uitgepakt. Omdat de BghU er in december van uitging dat de waarde van woningen was gedaald met 0,4 procent en van bedrijfspanden met 5,1 procent. Wat een tariefstijging zou hebben betekend voor de Bunnikse inwoners.
TAXATIEPROCES In januari is er vanuit de gemeente gesproken met de BghU en nu blijkt de waarde van woningen niet te zijn gedaald, maar gestegen met 0,9 procent. De BghU zat er dus 1,3 procent naast. Ook voor bedrijfspanden is de waardedaling door de BghU verkeerd ingeschat. Hier is de waardedaling niet 5,1 procent, maar 4 procent.
Leny Visser (CDA) vroeg tijdens de raadsvergadering van 17 december vorig jaar nog om het tarief pas vast te stellen als de waarderingskamer het taxatieproces heeft goedgekeurd. Tegenover 't Groentje zegt Visser dat het huidige raadsvoorstel weinig houvast geeft. ,,Er staat alleen dat de BghU duidelijkheid heeft gegeven. Maar waarover eigenlijk? Dat komen we niet te weten. We gaan een ander percentage aanhouden, maar ik kan niet volgen wat er precies speelt. Ik kan ook niet beoordelen of wij als Bunnik erop zijn achteruitgegaan door met BghU in zee te gaan."
Het raadsvoorstel probeert duidelijkheid te geven over de nieuwe procedure. Voorheen werd in Bunnik in januari het tarief vastgesteld en ging rond 21 februari de aanslagen de deur uit. BghU wil nu de tarieven al in december definitief vaststellen, en die zijn dan gebaseerd op waarderingscijfers van oktober, aldus een gemeentewoordvoerder.
AANSLAGEN De waarderingskamer stelt dat de aanslagen uiterlijk eind februari moeten zijn verzonden. Bunnik hield zich altijd aan die datum. Maar voor BghU vormt deze verzenddatum een probleem. ,,Het verstoort het bedrijfsproces", zo staat er in het raadsvoorstel. Het komt erop neer dat, als het niet in 'de BghU bulk' wordt verstuurd, het de gemeente extra geld gaat kosten. Leny Visser merkt op dat het voorstel de hoogte van deze kosten niet noemt. ,,Ook staat er dat inwoners een jaar moeten wachten op correctie. Maar wat daar de gevolgen van zijn? Ik krijg het niet helder." Het CDA gaat het college vragen om de voor- en nadelen van de verschillende alternatieven te schetsen.
In het huidige raadsvoorstel wordt uitgegaan van de volgende tarieven: eigenaren van een woning gaan 0,1797 % betalen (was in 2015 0,1812%). Voor bedrijfspanden worden gebruikers voor 0,2358 % belast (was 0,2267%). Voor eigenaren van bedrijfspanden wordt het tarief 0,2947 % (was 0,2834%). De gemeente heeft er geen berekening bij gegeven waarmee inzichtelijk wordt gemaakt wat dit voor een gemiddeld huishouden betekent.









