Vincent Bijlo
Vincent Bijlo Rob Huibers
Column

Bijlo’s BunniksBlik: De blote tegels

Overig

Daar zijn de blote tegels weer, de harde blote tegels weer. Het lijkt kouder nu het krakende tapijt er niet meer ligt. De vorst ontdooide de mensen. Hun gezichten werden zachter, ik hoorde ze glimlachen tegen kinderen op sleeën. De zon maakte alles Gouden Eeuw. Nu gorgelt de sneeuw met tegenzin de aftocht, ze had ons graag nog wat langer vermaakt. Haastig worden de geleende schaatsen teruggebracht. We voelen ons als na de kermis, na het circus. Was het echt? Was het echt echt?

Jazeker, het was echt echt. Het was een weekje winter, om ons even af te leiden van die stomme cijfers, van de Britse, de Braziliaanse en de Zuid-Afrikaanse variant. Het R-getal bestond niet meer, er was alleen het weer.

En de gebroken poot van Jan, hij dacht: Haha, natuurlijk, dat kan ik nog wel. Schaatsen, het zit in mijn DNA. Tien jaar niet op het ijs gestaan, maar het is net als zwemmen he. Gooi mij in het water en ik ga als een vis. Auto rijden? Precies hetzelfde. Zet mij in een Rolls en ik vervoer je als een vorst langs alle buitenplaatsen. Bam, daar lag Jan, na twee bochten. Hij wist het meteen, van zijn been, hij hoorde “tak.” Bij de Eerste Hulp vroegen ze of hij klachten had. “Ja,” zei hij, “ik heb godallemachtig veel pijn, ik heb mijn been gebroken.” Maar dat bedoelden ze niet. “Koorts, benauwd, verkouden?” “Mijn neus loopt nog wel,” zei hij, Jan is in alle omstandigheden grappig, “maar dat zal de kou wel zijn.” Normaal vinden ze zo’n grapje in het ziekenhuis niet leuk, nu wel, want het was winter. 

Hij kreeg mooi gips. De verpleegkundigen, de dokter, De schaatsers, de ijsmeesters en de man van de koek en zopie, iedereen heeft zijn handtekening erop gezet. Van Jan mag de lente komen. Zaterdag 15 graden, lekker met bier, chips en gips in de zon. Lente, zonder oeverloze gezwets over de Elfstendentocht. Dat begon al toen de vorst nog lekker op de Noordpool woonde en wij met Coffee To Go aan picknicktafels zaten.

De bomen druipen, de minilawines glijden van de daken en we hernemen weer onze anderhalve meter afstandsgang. 

Vincent Bijlo

advertentie