Frans Franssen vierde zijn 40-jarig jubileum als dwarsfluitdocent bij de Zeister Muziekschool.
Frans Franssen vierde zijn 40-jarig jubileum als dwarsfluitdocent bij de Zeister Muziekschool. René Borkent

Frans Franssen geeft veertig jaar dwarsfluitles

Muziek

ZEIST / ODIJK Al veertig jaar is Frans Franssen als dwarsfluitdocent verbonden aan de Zeister Muziekschool, nu onderdeel van Kunstenhuis Idea. Het instrument was vroeger -ook onder jongeren- populair, mede dankzij Thijs van Leer en later Berdien Sternberg. 

door René Borkent

Franssen groeide op in het Limburgse dorp Epen. De plaatselijke harmonie miste nog een dwarsfluitist. Hoewel de jonge Frans alleen nog maar blokfluit had gespeeld zei z’n vader: ,,Dat kan Frans wel.’’

Als jongetje van zeven ging Franssen al vier uur per week naar de Muziekschool in Simpelveld. Eén uur had hij fluitles, één uur theorie en twee uur speelde hij in het orkest van de school. Als 10-jarige soleerde hij al bij de harmonie, op piccolo. 

ARME STUDENT Franssen studeerde af aan het conservatorium in Maastricht. De liefde voor Gemmy, zijn huidige echtgenote, deed hem besluiten naar Utrecht te verhuizen. En in de provincie Utrecht was in de jaren tachtig nog een groot tekort aan fluitdocenten. ,,Ik was een arme student, ik had alleen een oude Renault 4 en een fluit.’’ Maar al snel vond hij werk aan de Muziekschool in Zeist en even later ook bij de Muziekschool in Bunnik.

Docent droomt nu van klassiek kwintet

De Zeister Muziekschool had in die tijd een grote popmuziek-afdeling en die gaf jaarlijks concerten in Boschlust. Franssen kreeg steeds meer leerlingen in Zeist en Bunnik. Vooral jonge meiden, onder jongens was het instrument altijd minder in trek. ,,Ik werkte vijf dagen per week van vroeg tot laat. Ik was er altijd en deed overal aan mee. Ik gaf lessen op de basisscholen en aan ensembles, begeleidde het Zangtheater van de Muziekschool en ik was beheerder van het instrumentenfonds. Ik ben er vol voor gegaan.’’

MINDER GELD De laatste 10, 15 jaren werden moeilijker. ,,De Muziekschool werd geconfronteerd met bezuinigingen. Ineens ging het heel vaak over geld en is het heel vaak spannend geweest. Dat had ook invloed op de sfeer. Bovendien werden de lessen ingekort en dat had natuurlijk gevolgen voor de kwaliteit. En daar kwam nog eens bij dat de dwarsluit, maar ook andere blaasinstrumenten als klarinet, hobo en fagot minder populair werden bij jonge leerlingen.’’ Tegenwoordig geeft Franssen ook veel les aan volwassenen. 

Bij jongeren is onder de blaasinstrumenten vooral de saxofoon in trek en dat komt omdat dit instrument ook een functie vervult bij diverse popbands. In de moderne popmuziek is geen plaats meer voor de dwarsfluit. Dat was vroeger anders.  Zo was de band Jethro Tull met fluitist Ian Anderson een grote inspiratiebron voor Franssen. ,,Daardoor ben ik ook fanatiek fluit gaan spelen.’’

Toch geeft Franssen nog altijd met veel plezier les, ook in het komende laatste jaar als docent. Oudere leerlingen kiezen bewuster voor het instrument. Die hoeft hij minder achter de vodden te zitten. ,,Bij kinderen zei ik vaak: Hoezo geen tijd? Prioriteit!’’

Zelf hoopt Franssen na zijn pensionering volgend jaar een klassiek blaaskwintet te kunnen oprichten. ,,Daar is heel veel mooie muziek voor.’’

advertentie